Dirk Jacobs
1998-08-07
Opinie
Querulante Vlamingen snijden zichzelf in het vel
'Als het gekonkel nog langer aanhoudt, kan men er inderdaad gif op innemen dat de overgrote meerderheid van EU-vreemdelingen straks in het Brusselse op Franstalige partijen gaat stemmen'

Tot voor kort verzette de PRL-FDF zich heftig tegen toekenning van kiesrecht aan vreemdelingen en versoepeling van de naturalisatieregeling. De overstap van Ecolo naar PRL door Mostafa Ouzekthi, Brussels parlementslid van Marokkaanse origine, luidde in maart een koerswijziging van de Franstalige liberalen in. Waar de Franstalige liberalen voorheen uitblonken in etnocentrische vertogen, tonen zij zich nu kampioen van het republikeins burgerschapsdiscours. In dat vertoog, dat we vooral kennen uit de Franse en Nederlandse politiek, wordt de openheid van de politieke gemeenschap gepropageerd. De allochtoon wordt medeburger. Flaminganten zien in dit alles een perverse strategie. Het is PRL-FDF namelijk alleen maar te doen om het verstevigen van de positie van de francofonie in de Belgische politiek, zo luidt het. Die dubbele agenda siert de Franstalige liberalen allerminst. Maar in plaats van moord en brand te schreeuwen en alles te blokkeren, zou het een stuk verstandiger zijn van de Vlamingen als zij een even progressief-offensieve opstelling jegens de allochtone gemeenschappen aannamen.

Helemaal verkieslijk zou natuurlijk het ontplooien van een houding zijn waarin naar open en eerlijke samenwerking tussen de verschillende gemeenschappen gestreefd wordt. Maar goed, tussen droom en daad staan blijkbaar praktische bezwaren. Hoe men het ook draait of keert, nog meer dan in de tijd van Elsschot leven we vandaag in een pluriforme en multiculturele samenleving. Dat niet onderkennen, is een wissel op de toekomst missen. Vlamingen die de positie van de Nederlandstaligen in Brussel en haar periferie willen versterken, bewijzen die zaak met hun actuele houding in het kiesrechtdebat een slechte dienst. Als het gekonkel nog langer aanhoudt, kan men er inderdaad gif op innemen dat de overgrote meerderheid van EU-vreemdelingen straks in het Brusselse op Franstalige partijen gaat stemmen. Want vergis u niet, het lokaal kiesrecht voor EU-burgers komt er (desnoods met een dwangsom vanuit de Europese instellingen) en de EU-vreemdelingen zijn heus niet blind voor wat er vandaag in de Belgische politiek gebeurt. Als zelfs het EU-stemrecht er niet komt, mag België meteen ook uit de Europese Unie stappen. Het Verdrag van Maastricht is dan voor België immers niet meer dan een vodje papier geweest.

Laten we wel wezen. Het getouwtrek rond het EU-stemrecht (en het vreemdelingenkiesrecht in het algemeen) is een ronduit zielige vertoning. Het non-debat illustreert ten voeten uit hoe pover het vandaag, spijts het Octopus-akkoord, nog steeds met de Belgische politiek gesteld is. Het gemak waarmee basisprincipes van onze democratie gebagatelliseerd worden, is ronduit schandalig. Wie het actuele debat over kiesrecht voor vreemdelingen een beetje volgt, moet constateren dat nog nauwelijks een lans gebroken wordt voor het democratisch beginsel 'one person, one vote'. Maar was het niet precies dat principe dat de legitimerende basis van ons hele politieke systeem vormt? Of gelooft niemand nog in de democratie?

Men zou vandaag haast denken dat het hopeloos naïef is te stellen dat democratie bovenal betekent dat al wie aan een bepaald beleid onderhevig is, daarin zijn of haar stem moet kennen. Is het dan zo normaal dat 717.700 volwassen inwoners van ons land (zo'n 9,2 procent van de volwassen Belgische bevolking) absoluut geen recht van meespreken hebben? Waarom zo'n buitenproportionele heisa over de positie van de Nederlandstaligen in de Brusselse politiek, terwijl 29 procent van de inwoners van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zelfs niet als volwaardige burgers (h)erkend worden? Misschien stem ik straks als Nederlandstalige Brusselaar wel op een Franstalige partij die inziet dat ook niet-staatsburgers politieke rechten moeten hebben.